Steeds meer thuis bij Severinus
Vincent woont sinds zijn achttiende bij Severinus. Daarvoor kwam hij er al vaak, voor dagactiviteiten en logeren. Zijn ouders Anja en Frank vertellen over Vincents reis. “Bij Severinus kregen we eindelijk weer eens te horen hoe fijn het is om hem erbij te hebben.”
Vroege signalen, eerste zorgen
Vincent wordt in 2005 geboren in Veldhoven, in een gezin met één oudere zus. Zijn vader heeft een schoenmakerij, zijn moeder werkt dan nog als companysecretaresse, totdat ook zij in de zaak gaat werken, om meer tijd voor Vincent te hebben.
Als Vincent anderhalf jaar oud is, merkt Anja dat hij zich anders ontwikkelt dan zijn zus. “Ik hield dat eerst voor mezelf,” vertelt ze. “Totdat ze bij het consultatiebureau ook zeiden dat Vincent wel erg weinig praatte.” Het zorgt er onder andere voor dat Vincent agressief gedrag vertoont, omdat hij niet met woorden kan uitdrukken wat hij wil.
Spanning en acceptatie
De situatie zorgt voor spanning tussen Vincents ouders. Frank: “Anja gaf aan dat ze het eigenlijk al wel wist. Ik was eigenwijs en stak m’n kop in het zand.” Het was vooral Anja die voor Vincent een plek regelde bij een orthopedagogisch dagcentrum voor kinderen met een beperking. “Ik zag een gewone kleuterschool niet zitten, na onze ervaringen op het reguliere kinderdagverblijf”.
Ik was eigenwijs en stak m’n kop in het zand.
Frank – Vader Vincent
Via het orthopedagogisch dagcentrum raakt Frank in gesprek met een arts. Die vertelt dat Vincent op zijn achttiende de mentale ontwikkeling zou hebben van een kind van vijf. “Toen raakte Anja juist van slag,” vertelt Frank. “Voor mij was dat het omslagpunt. Nu dacht ik ook: oké, dan moet Vincent dus de beste zorg krijgen.”
School, opvang en logeren
Anja en Frank melden Vincent aan bij de Prins Willem Alexander School in Veldhoven: een school voor kinderen met een beperking. De school biedt bovendien naschoolse opvang aan via de Severinus.
Al snel kiezen Anja en Frank er ook voor om Vincent regelmatig weekends bij Severinus te laten logeren. Zodat Vincent went aan een andere omgeving, en zijn ouders rust krijgen. Frank: “Ik propte alles in zo’n weekend: de leukste vader zijn voor mijn dochter, met vrienden op stap én iets leuks doen met Anja. Dat lukte natuurlijk nooit allemaal. En toch konden we even op adem komen. We keken daar echt naar uit.”
Zoeken naar een woonplek
Anja en Frank denken ook na over de vraag waar Vincent zal gaan wonen. Ze besluiten om een woonplek voor hem te zoeken vanaf zijn achttiende. Maar de 24-uurszorg is zwaar. En het gaat steeds minder goed op school. Frank: “Vaak moest ik de zaak achterlaten om Vincent op te halen. Dan zeiden ze: ‘hier heb je ‘m weer, wij kunnen niets met hem’.”
Vincent gaat steeds meer en vaker naar Severinus. En als hij in zijn zestiende levensjaar in een zware psychose belandt is duidelijk: Anja en Frank moeten op zoek naar een goede woonplek. Ze bekijken meerdere huizen, ook groepen waar bewoners bijna niet praten. Maar daar zou Vincent niet op z’n plek zijn. Frank: “Begrijp ons niet verkeerd, het gaat niet om het niveau, of om beter of slechter. Maar Vincent is een gezelligheidsdier. Hij verwacht interactie. Zelf praat hij nu de hele dag door.”
Een leuk jong
Uiteindelijk vinden ze de perfecte plek. Een mannenhuis, met bewoners die allemaal ouder zijn dan Vincent. “Voor Vincent is dat geen probleem,” legt Frank uit. “Hij ziet geen leeftijden, alleen personen. Z’n beste vriend in het woonhuis is vijftig.”
Geëmotioneerd vertellen Anja en Frank over deze periode. Anja: “Bij Severinus noemen ze Vincent een leuk jong. Eindelijk kregen we weer eens te horen hoe fijn het was om hem erbij te hebben.”
Gedeelde zorg
Anja en Frank staan nog steeds heel dicht bij Vincent. Frank: “Je geeft het dierbaarste dat je hebt af. Ik noemde onszelf weleens kritische ouders. Maar Vincents begeleiders zeggen: ‘jullie zijn niet kritisch, maar betrokken’. Ze legden ook uit dat we Vincent niet loslaten, maar anders vasthouden.”
Jullie zijn niet kritisch, maar betrokken.
– Begeleiders Vincent
Anja: “We hebben supergoede ervaringen met Severinus, maar blijven wel altijd alert op wat Vincent nodig heeft. Nu Vincent bij Severinus woont, hebben we naast de dagactiviteiten van Severinus een externe dagbesteding voor hem geregeld. Omdat wij denken dat de fysiekere activiteiten daar zorgen dat hij zich nog meer kan ontwikkelen. Ik bemiddel daarvoor zelf tussen Severinus en de externe dagbesteding.”
Eigen plek
Het geeft Frank en Anja rust om te weten dat Vincent nu echt zijn plek heeft. Anja: “Dat was nog wel een proces. Vincents start in het woonhuis was moeizaam, omdat hij herstellende was van een tweede psychose. Hierdoor hadden we slecht contact met hem. Maar door de juiste zorg en begeleiding op het woonhuis hebben we er samen voor gezorgd dat Vincent weer de oude werd. Nu maken Severinus, wij als ouders en zus en uiteraard Vincent zelf het tot een succes.” En dat blijkt. Inmiddels bedoelt Vincent zijn plek bij Severinus als hij praat over “thuis”.
-
De ervaring van Vincent zelf
Vincent: “Ik heb een fijn huis, op de Koepel, met een mooie kamer. Er is veel gezelligheid. Peter woont er ook, dat is een goede vriend. Mijn begeleiders zijn Sjoerd, Joey, Evi, Julia en Ben. En soms komt Mo. Zij zijn allemaal top! Geweldig!
Met Joey kijk ik vaak voetbal op onze grote televisie. En filmpjes, via YouTube. Of muziek. Ik ben fan van Snelle. Vooral zijn liedje De Reünie. Dat gaat over jongens die hem vroeger hebben gepest op school. Maar nu is ‘ie heel stoer. Hij is echt een voorbeeld voor mij.
Ik ben lekker druk. Eén dag werk ik op de boerderij, kippen voeren en paarden verzorgen. En één dag ben ik bij Arkus. Daar puzzel ik of ga ik wandelen in het bos. Op werk haal ik soms grapjes uit. En soms ben ik juist heel serieus.
Ik sport ook veel, wel drie keer in de week. Ik doe nu bootcamp, bij Severinus. Ik wil sterk worden, net als Rico Verhoeven.”